8 maart 2025 Leeuwarden
Het Elfstedenpad begint en eindigt in Leeuwarden. Voor de stadswandeling
trek ik twee dagen uit. Het is guur en grauw weer met zo nu en dan een sneeuwbuitje.
Als eerste bezoek ik het Eysingahuis en zo kom ik binnen.
De ontvangstkamer met portretten van de eerste bewoner en zijn vader.
Frans Julius Johan van Eysinga, grietman van Doniawerstal en lid van de provinciale staten erfde in 1773 van zijn grootvader Johan Vegelin van Claerbergen een voornaam 16e eeuws pand in Leeuwarden. Hij kocht een paar panden ernaast op en brak ze op de kelderverdieping na af om er een groot representatief huis op de kelders te bouwen. Het huis werd voornamelijk voor ontvangsten gebruikt. In de ontvangstkamer keek je uit op de ingang van de Kanselarij, gebouwd als zetel van het Hof van Friesland.
De ingang van de 16e eeuwse kanselarij. In het kader van een renovatie zijn de kleuren van de luiken nu minder opvallend.
Detail van de prachtige wandschilderingen.
De Sael. Hier werden ook huwelijken voor de Friese adel gearrangeerd. Zonen waren gewild, want die konden het bezit doen groeien door een partner te kiezen met eem flinke bruidsschat. Dochters brachten bij een huwelijk armoe. Het gebeurde zelfs dat er druk werd uitgeoefend om niet te trouwen. Eysinga had overigens weinig te klagen, hij had 50 boerderijen en was bijna de rijkste man van Friesland. Tijdens de Bataafse revolutie had hij het even moeilijk. Hij werd gevangen gezet en mocht enige tijd niet in Leeuwarden komen.
De inrichting is in Lodewijk XVI e stijl.
Ook mooi stucwerk.
De tuinkamer. Het huis had oorspronkelijk een grote tuin en een koetshuis, De tuin is vrijwel geheel volgebouwd, een kleine binnenplaats resteert.
De eetkamer, De muurschilderingen waren verloren gegaan. Dankzij een familieportret in deze kamer heeft men de schilderingen naast de schouw gereconstrueerd.
Het familieportret in de eetkamer.
De waskelder.
In de keuken krijg ik een heerlijke kom soep geserveerd.
De vuurplaats met links het fornuis en rechts de broodoven.
In de poetskelder zie ik een paar mooie zilveren peper- en zoutstrooiers.
De mangelkelder.
De Vegelinkelder met kruisribbogen.
De prachtige trap.
Vervolgens ga ik naar de Jacobijnerkerk, maar die blijkt gesloten te zijn. De Friese stadhouders hadden een eigen ingang met oranje appeltjes boven de kroon.
Voormalige ingang van de sacristie. Later werd hier brood aan de armen uitgedeeld en kreeg het de naam Broodpoortje.

Deze straat heet Luilekkerland.
In Leeuwarden zijn nog tal van 17e eeuwse gevels zoals hier "In den Fette os".
5 april 2025, Leeuwarden.
Vandaag voltooi ik etappe 0 van het Elfstedenpad, De lucht is strak blauw dus het wordt een mooie dag. Vanaf het station volg ik eerst het voormalige veenriviertje de Potmarge dat vroeger in de Middelzee uitkwam. Het was ook de grens tussen de gemeenten Leeuwarden en Leeuwarderadeel. Rijke lieden uit Leeuwarden lieten in de 17e eeuw lusthoven bouwen langs dit riviertje. Na WO II was er weinig meer moois van over. Het water was zwaar vervuild en stonk hevig. De laatste jaren is er veel gedaan om het gebied weer aantrekkelijker te maken en ik vind dat ze daar goed in geslaagd zijn. Dit enorme bijzondere bouwsel kan niet onopgemerkt blijven. Het is de Watercampus.
De Potmarge met rechts de Watercampus en wat verder weg de Bonnematoren.
Langs de oevers staan veel sleedoorns in bloei.
De zijkant van een flat draagt deze enorme schildering.
Soms waan je je in een natuurgebied, maar het is toch midden in Leeuwarden.
De 12e eeuwse kerk van Huizum is het oudste bouwwerk van Leeuwarden. Het is nu een cultureel centrum.
Een steen in de kerkmuur herinnert aan een heel trieste gebeurtenis.
Een nis in de kerkmuur.
Straatje in het voormalige dorp Huizum.
Een aardige gevel uit 1635 in de binnenstad,
Het Sint Anthonygasthuis bestond al in de middeleeuwen en werd in de loop der tijden steeds verder uitgebreid.. In 1910 werd in de nieuwbouw een oude ingang herplaatst.
In 1875 werden oude panden vervangen door deze voor die tijd moderne onderkomens. Elk pand draagt de naam van een adellijk geslacht dat vroeger veel geld had geschonken aan het gasthuis. Tegenwoordig dient het voor seniorenhuisvesting, geen gekke plek.
Bij mijn vorige bezoek aan Leeuwarden was de Jacobijnerkerk om onduidelijke redenen gesloten. Nu heb ik wel geluk, Het schip, koor en linker zijbeuk kwamen in 1330 gereed. De rechterzijbeuk in 1504. Zoals de naam al aangeeft, was het oorspronkelijk een kloosterkerk.
Vanaf 1588 werd de kerk grafkerk van de Friese stadhouderlijke familie. Anna van Oranje, dochter van Willem van Oranje werd hier als eerste begraven. In het koor kwam een grafkelder en er boven een graf tombe. Tombe en grafkelder werden in 1795 kort en klein geslagen. De muurschildering is een weergave van de tombe van Willem Lodewijk van Nassau.
Na WO II heeft men de grafkelder hersteld en een nieuwe tombe gemaakt.
De gebrandschilderde ramen herinneren aan de stadhouders, hun wapens zijn er onder aangebracht.
Links de zitplaatsen voor de stadhouderlijke familie, hoog boven het volk, maar ook hoger dan de preekstoel. Het Muellerorgel is een prachtig barokorgel.
Het orgel is ook rijk aan versieringen.
Op de muur van de brede zijbeuk zijn diverse muurschilderingen uit 1575 blootgelegd, helaas vaak zwaar beschadigd. Twee koppen van een serie apostelen.
In de Prinsentuin staan vele stinsenplanten te bloeien, zoals de holwortel
en knikkende vogelmelk.
De Pandertempel staat te midden van tapijten blauwe anemonen.
Mijn laatste bezoek betreft de Oldehove, een toren die nooit werd afgebouwd, omdat hij al tijdens de bouw begon te verzakken. De kerk is al lang geleden afgebroken.
Een smalle wenteltrap voert naar de top, zowel voor stijgers en dalers wat veel moeizame passeermomenten oplevert.
Op de tweede verdieping is een klok uit 1633 met een gewicht van 6000 kilo te zien.
Roven op de toren is het uitzicht geweldig. Hier kijk ik op de Pandertempel.
16 maart 2024 Deinum - Leeuwarden (tegen de richting in).
Het station van Deinum ligt buiten de plaats, zodat het even duurt voor Deinum in zicht komt.
Friesland kende enorm veel middeleeuwse kerkjes.Veel daarvan zijn in de loop der tijden door verwaarlozing geheel of gedeeltelijk ingestort en later gesloopt of weer gerestaureerd. De toren is uit de 16e eeuw met een karakteristieke ui er bovenop.
De kerk ligt duidelijk op een terp.
Een muur met romaanse vensters.
Het eenvoudige interieur.
Mooi venster in het koor.
Er liggen nog meerdere enorme grafstenen van voor 1600.
De kerkenraadskamer in de toren.
Aan de andere kant van de wierde loop ik dit pad naar beneden.
Langs het pad staat holwortel volop te bloeien.
Ik steek het van Harinxmakanaal over.
Een landmark van Leeuwarden: Crystal Business Park
Hoewel ik gisteravond de route gedownload heb, blijkt dat de nieuwe voetbaltempel van Cambuur mijn pad heeft doen verdwijnen. 15.000 zitplaatsen en 21 miljoen EURO. Dat bedrag hebben ze nog lang niet bij elkaar.
Het Westerpark in Leeuwarden,
De rest van de tijd verblijf ik in het Fries museum, waar een tentoonstelling is over de in Leeuwarden geboren schilder Christoffel Bisschop en zijn Engelse schilderende vrouw Kate is. Zijn zelfportret hangt in het Uffizi museum in Florence.
Zijn vrouw Kate.
6 april 2024 Mantgum - Deinum (tegen de richting in).
De Mariakerk van Mantgum staat zoals alle kerken vandaag op een restant van een terp.
De oorspronkelijke middeleeuwse kerk werd werd al in 1500 vervangen.
Terugblik op Mantgum.
Leuke paadjes door de weilanden.
De Sint-Radboudskerk in Jorwerd heeft zijn romaanse uiterlijk nog aardig behouden. In 1951 stortte de toren in elkaar, maar werd gerestaureerd. Ik ben hier veel te vroeg om naar binnen te mogen, dat kan vanaf 12.00.
Een later aangebrachte ingangsportalen.
De toreningang.
In Bears stond de Uniastate, in 1515 gebouwd nadat de vorige verwoest was. In 1756 werd de state vervangen door een boerderij. Met een stalen constructie op de oude fundamenten van de state wil men laten zien wat zijn omvang was. Het poortgebouw uit 1616 is wel blijven staan.
Voor de Mariakerk van Bears ben ik ook te vroeg, want die is vanaf 13.00 open. Maar het geluk is aan mijn zijde. Er is iemand aanwezig die net een gesprek heeft gehad over een huwelijk aldaar en hij wil mij graag rondleiden,
Ingang met duivelskopje er boven.
Het van Damorgel.
Op de voorgrond de vrouwenbanken met open rugleuningen, zodat de vrouwen hun rokken goed kwijt konden. De 17e eeuwse preekstoel is fraai gesneden.
Voorstelling op de preekstoel. Links vrouwe justitia, rechts de naakte waarheid.
Bank van een adelijke familie. Veel versierselen zijn in de Franse tijd verwijderd.
De rode bakstenen cirkels geven aan waar oorspronkelijk de twee ronde ramen zaten.
Bij de restauratie heeft men een verborgen raam in het koor weer gedeeltelijk hersteld. Achter de lambrisering vond men veel glasscherven van de beeldenstorm. Daar zijn deze ruiten van gemaakt.
Graf van een priester uit 1478.
De middeleeuwse kerk van Jellum is in de 19e eeuw ingestort, waarna er een nieuwe kerk kwam. Nu wordt de kerk als theater gebruikt.
De Sint Margarethakerk te Boksum.
Het orgel dateert uit 1661.
In al deze kerkjes vind je enorme grafstenen van leden van de adel, zoals deze uit 1585.
De wapens op de grafstenen zijn meestal in de Franse tijd vernield.
In de winter van 1586 hielden de Spanjaarden een roof- en moordtocht door Friesland. Ook vond er een slag bij Boksum plaats. In 2016 vond men een massagraf van jonge mensen. Twee geraamtes heeft men hier in de kerk gelegd.
Het laatste kerkje dat ik bezoek is de Mariakerk van Blessum.
Het interieur.
Orgel uit 1659. Het bord aan de rechterkant is een memorie bord dat de slag bij Boksum in het latijn beschrijft.
Oude dichtgemetselde ingang met Mariabeeldje.
4 mei 2024 Mantgum - Sneek Noord
De bewaarschool in Mantgum.
Een horde hitsige hengsten.
Het grootste deel loop ik op een fietspad langs de in 1510 gegraven vaart De Swette, die de verbinding tussen Leeuwarden en Sneek moest verbeteren.
De Amerikaanse windmotor was een tijdje erg populair (draaide al bij weinig wind en kon niet in brand vliegen), maar spoedig werden ze vervangen door diesel- en elektromotoren. Dit exemplaar is weer prachtig gerestaureerd.
Een klein stukje onverhard.
De mooie 12e eeuwse romaanse kerk van Boazum.
Helaas blijkt de deur voor mij gesloten en zie ik de 13e eeuwse fresco's niet.
Ook nog een stukje vlonderpad, dat bijna is vergaan.
De oude Martenskerk op een terp in Scharnegoutum is in 1861 afgebroken en kwam deze er voor in de plaats.
Bij Sneek maak ik nog een Ommetje door een parkbos en zie daar een een mooi stukje bloeiende daslook.
20 mei 2024 Jutrijp - Sneek Noord (tegen de richting in).
Tussen Jutrijp en IJlst kan ik niet veel om me heen kijken want ik deel de weg met wielrenners die ook de Elfstedentocht willen volbrengen, maar dan in een dag.
IJlst komt in zicht.
Eindelijk van de wielrenners verlost sta ik een tijdje te kijken hoe jonge kinderen les krijgen in fierljeppen. De 13eeeuwse Mauritiuskerk werd in 1928 gesloopt en vervangen door dit exemplaar. De wielrenners gaan hier ook langs, het is net een rustig moment.
De Galamagracht in IJlst.
De mooie houtzaagmolen De Rat.
Prachtig gerestaureerde poldermolen van eeuwen terug.
Als ik in Sneek ben aangekomen gaan de hemelsluizen open. Ik vlucht met vele anderen de waterpoort in. Putdeksels komen omhoog en verder foto's nemen is onmogelijk.
Korenmolen 't Lam uit de 17e eeuw is de derde molen op die plaats, De eerste molen was van een klooster.
Het kerkhof van Ypecolsga. De middeleeuwse kerk is afgebroken en een klokkenstoel is er voor in de plaats gekomen. Het kerkhof is nog in gebruik.
Een brand verwoestte in de 17e eeuw de kerk van Wijckel, de middeleeuwse zadeldaktoren overleefde wel. De kerk werd herbouwd, maar de deur blijft voor mij gesloten.
Langs de Ie bij Sloten.
De wallen van Sloten. Rechts de Lemster waterpoort en korenmolen De Kaai uit 1755.
Korenmolen de Kaai.
De Heerenwal. Sloten vond zijn oorsprong toen de heer van Harinxma thoe Sloten besloot op de kruising van de handelsweg van Bentheim naar Stavoren en de waterweg van Sneek naar de Zuiderzee een stinse te bouwen om zo dubbel tol te kunnen heffen. Bij die stinse ontstond de bebouwing van Sloten.
Renaissancewoning uit 1610. Diende o.a. als pastorie en burgemeesterswoning.
De Grote kerk.
Het voormalige stadshuis, nu VVV en stadsmuseum. Hier ga ik een poosje naar binnen.
De voormalige raadszaal op de eerste verdieping.
Weer terug in Wijckel zie ik de torendeur open staan. Drie dames zijn bezig een kruis met bloemen te versieren voor de paasdienst. Ik kom voor de enorme graftombe van Menno van Coehorn, een bekende veldheer en nog bekender vestingbouwer. Hij woonde in deze plaats. De hoge herenbank links was voor zijn familie.
De graftombe.
Oprijlaan van de voormalige buitenplaats Meerestein van Menno van Coehorn.
De woonplaats is verdwenen, maar ik kan nog wel een stukje lopen door het grote park.
26 april 2025 Rijs - Balk (tegen de richting in).
Ik begin mijn wandeling in het Rijster bos met het paddenstoelenpad. De paddenstoelen zijn flink "uitgegroeid".
Het veldje links is de plaats waar het laatst snippen met netten werden gevangen.
In 1849 stuitte een bosarbeider bij het graven van een greppel op keien. Hij verwijderde die en gebruikte ze voor wegverharding. Later onderzoek bestempelde deze plaats als het enige Friese hunebed. Recenter onderzoek maakte hier korte metten mee. De keien waren te klein voor een hunebed. Het betrof een steenkist, die niet boven het maaiveld uitkomt en evenals een hunebed dient als begraafplaats, meer dan 5000 jaar geleden. Deze reconstructie moet daaraan herinneren.
Op dit punt verlaat ik het Rijster bos.
De linker punt van het bos is de plek van de vorige foto. Op de achtergrond de voormalige Zuiderzeedijk.
Deze steen van 9240 kg van blekingegraniet lag eerst langs dec kust in het IJsselmeer. De bovenkant kwam niet boven het water uit en werd door zwemmers gebruikt om er vanaf te duiken. Deze eeuw heeft men hem naar Oudemirdum verplaatst. Bij het transport is hij wel in tweeën gebroken. In de IJstijd had hij al een reis vanaf Zweden gemaakt.
In de koude oorlog werden er ruim honderd van deze luchtwachttorens in het hele land opgericht om door kijken en luisteren Russische vliegtuigen op te sporen. Deze bij Oudemirdum is de enige in Friesland en een van de 18 die nog over zijn.
De kerk van Oudemirdum uit 1790 als vervanger van een veel oudere kerk.
Koolzaadvelden vallen altijd heel erg op.
Begin 19e eeuw begon jonkheer van Swinderen hier een hoenderfokkerij en bouwde er een landhuis naast, In 1850 bleek de fokkerij niet meer rendabel. Het landhuis werd herberg.
Het landhuis aan de voorkant. Op de daklijst staat een fraai bord met de naam Kippenburg.
Landgoed Kippenburg.
Het kerkhof van Ruigahuizen, De kerk is al lang verdwenen. De klokkenstoel verdween ook door bouwvalligheid en de klok belandde op de zolder van het gemeentehuis van Balk. Toen er een nieuwe klokkenstoel kwam, keerde de klok terug, maar die werd later gestolen, Er kwam een kleinere klok voor in de plaats, maar die die is nu weer vervangen door een mooier en forser exemplaar,
Daslook.
22 maart 2025 Rijs - Stavoren
Grote en
en kleine paden in het Rijster bos.
In 1814 was men zo blij dat Napoleon was verslagen, dat dit vredestempeltje werd opgericht. In WO II werd in het Rister bos een V2 lanceerplaats gebouwd. Vele lanceringen gingen mis en veroorzaakten gaten in het bos, ook dit gebouwtje moest er aan geloven. In 1977 werd het herbouwd.
Het bos eindigt op het Mirnser klif, een ijstijd relict.
Onder langs het Mirnser Klif.
Langs de kustlijn ligt veel moerasland.
De kerk van Mirns werd in de 18e eeuw afgebroken, kerkhof en klokkenstoel bleven achter. In WO II stortte hier een bommenwerper neer en vernielde de graven en klokkenstoel. De klokken stoel is vernieuwd en de graven zijn van na 1945.
Een bijzonder grafmonument voor Jan Kok uit 2013. Het model van een botter hing oorspronkelijk aan het rechtopstaande hout.
Lang loop ik over de vroegere zeedijk.
Het buitendijkse natuurgebied Mokkebank.
Het haventje van Laaxum, een plaatsje dat al meer dan 1000 jaar bestaat.
Boven op het Rode Klif staat dit monument dat herinnert aan de veldslagen van graaf Willem IV in 1345 tegen de Friezen. "Liever dood dan slaaf". De Friezen wisten de aanvallers te verdrijven.
Uitzicht vanaf het 10 m hoge klif richting Stavoren.
Veel geel in de bermen van Klein hoefblad
en speenkruid.
Een bemiddelde recreant vaart de sluis in het Johan Frisokanaal in.
Het strand van Stavoren.
Midden door Stavoren loopt de lange Voorstraat aan beide zijden van het water. Stavoren was de eerste plaats in Nederland die stadsrechten kreeg. In de middeleeuwen was het een bloeiende stad, maar daarna raakte het in verval. Het kreeg nog een opleving van de spoor/veerverbinding, maar na de voltooiing van de Afsluitdijk was dat ook afgelopen. De oudste gebouwen zijn uit de 19e eeuw.
De pkn-kerk.
De vermaning.
23 september 2023 Stavoren - Workum
Vanaf 1899 is het mogelijk in Stavoren op een stoomraderboot te rijden om in Enkhuizen het spoor te vervolgen. Die plaats is hier nog als een soort kunstwerk aanwezig.
Zeer oude foto van de stoomraderboot in Stavoren.
Op een uitstapje door Hindeloopen na loop ik steeds over de vroegere zeedijk met uitzicht op het IJsselmeer.
De zeedijk is erg bonkig en vol met schapenstront, die mijn broek en schoenen bevuilen. Ook moet ik over talloze hekken klimmen.
Ik nader Hindeloopen.
Hindeloopen.
Gezicht binnendijks vanaf de zeedijk.
De eeuwenoude vuurtoren met vuurtorenwachterhuisje van Workum.
In 1523 hadden de Gelderse troepen zich verschanst in de kerk van Workum. De troepen van Karel V schoten daarop de kerk en toren in puin. daarna werd de kerk weer herbouwd, maar toren en kerk zijn nooit afgebouwd, waardoor kerk en toren los van elkaar staan. Allebei zijn het ondanks enorme bouwwerken.
Het interieur van binnen.
Bijzonder is dat hier nog twaalf gildebaren staan opgesteld. Deze twee zijn van de schippersgilden.
Het 17e eeuwse hoofdorgel met een prachtige klank.
Een fraai gesneden preekstoel uit begin 18e eeuw.
De regeringsbank voor de magistraat en de vroedschap.
Als laatste bezoek ik nog het Jopie Huismanmuseum met zijn bijzondere architectuur.
Zelfportret van Jopie Huisman uit 1978.
Het roodbaaien hemd uit 1975.
Enzies terugkomst uit 1964.
3 mei 2025 Bolsward - Workum (tegen de richting in)
De vroeg 13e eeuwse romaanse Johannes de Doperkerk in Exmorra. In 1836 werd de toren door een windhoos weggerukt.
De Grote kerk van Allingawier. In 1635 werd de oude kerk met toren afgebroken en werd deze opgebouwd.
Het interieur is zeer sober. Op het orgelbalkon staat een nep orgelfront waarachter zich een harmonium verschuilt.
Een rijk bewerkte grafsteen uit 1642.
Herinnering aan de nieuwbouw in de toren.
In de toren is een aardige expositie over de watersnood van 1825, die veel groter was dan die van 1953. 60 % van Friesland stond onder water.
Tegelbrede paden door het boerenland.
Het kerkje van Ferwoude. Ook hier werd de 13e eeuwse kerk afgebroken en in 1767 vervangen.
Toegangsportaal met herinneringssteen aan de nieuwbouw.
Ingemetselde grafsteen van de eerste predikant.
Het laatste stuk naar Workum loop ik over een kerkenpad met acht bruggetjes, Het pad komt bij de Grote kerk rechts aan de horizon uit.
In Workum bezoek ik nog het historisch museum dat zich op de bovenverdieping van de Waag bevindt. Vooral veel beeld en geluid tussen papieren huisjes die Workum voorstellen. Workum was een belangrijke zeehaven. Vooral de Oostzeehandel was belangrijk. Dit scheepsmodel, een fluitschip, had een smal achterschip. Dat was voordelig voor de tol die in de Sont betaald moest worden. ook voeren ze op Noord-Afrika. In de Franse tijd stortte de zeescheepvaart in. In de 19e eeuw werd er nog veel paling naar Engeland verscheept, maar de totstandkoming van de Afsluitdijk was het doodvonnis.
Ook bij het scheepvaartverkeer binnen Nederland speelde Workum een belangrijke rol.
6 augustus 2025 Bolsward
Dit pand in het centrum van Bolsward uit 1700 met gedeeltelijk oud interieur en bijna 700 m2 grond staat te koop voor 24.900 EURO.
Tuin van het in de 15e eeuw gestichte St Anthony gasthuis.
Verstild grachtje in het centrum.
De Sint Martinuskerk is 70 m lang.
Interieur met koorzicht.
Het Hintzorgel uit 1781.
Preekstoel uit 1622.
Detail van houtsnijwerk van de preekstoel.
Prachtige koorbanken uit 1490
met fraai houtsnijwerk.
Sint Maartenssteen uit 1355 van Bremer zandsteen. Rechts boven Sint Maarten. Links ervan de os, symbool voor Lucas. Het was een gevelsteen van de kerktoren, om verdere verwering tegen te gaan nu binnen in de kerk aangebracht.
Monumentale ruim vierhonderd jaar oude grafsteen.
Alle fresco's uit de 15e eeuw zijn met de reformatie over gekalkt. Ze blijken moeilijk weer fraai tevoorschijn te halen.
Bijzonder fraaie piscina (wasbekken) dat haast oosters aandoet.
Landelijk plekje midden in de stad.
In 1980 brandde het oudste gebouw van Bolsward, de Broerekerk af en staat er nu als ruïne. Op de voorgrond de vleermuisfontein
Om verder verval te voorkomen is een glazen dak aangebracht.
De constructie van de toren mag uniek genoemd worden. Hij rust op en balkenconstructie op het plafond van de vierschaar. Het grote voordeel was dat op de verdiepingen eronder veel ruimte werd gewonnen. Hier de steile trap de toren in.
De vierschaar waar recht werd gesproken. Het gewicht van de toren zorgde dat na verloop van tijd de balken gingen doorbuigen. Vandaar dat er toch een pilaar als ondersteuning is geplaatst.
Het stadhuis zou de trotse bezitter zijn van de helm van Grutte Pier, Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de helm slechts vierhonderd jaar oud is, maar daar wordt niet over gerept.
Asfaltweggetjes met nauwelijks verkeer worden nu omzoomd door bloeiende meidoorns en fluitenkruid.
De 19e eeuwse kerk van Schettens als opvolger van een afgebroken middeleeuwse kerk. Het is nu een B&B.
De Witmarsummer Vaart in Schettens.
Voor Witmarsum betreed ik een aardig stukje bos.
Van Witmarsum naar Arum loop ik kilometers over een bonkige dijk met veel hekken, De schapen zijn niet erg gesteld op mij aanwezigheid.
Heemstra State in Kimswerd, Van de oorspronkelijke state van de adellijke familie Heemstra rest alleen de gracht.
De Laurentiuskerk in Kimswerd dateert uit 1050. In 1515 werd de kerk in brand gestoken, evenals de boerderij van Grutte Pier. dat was voor hem het sein om strijder te worden.
Het rijke interieur van de kerk.
Het 19e eeuwse Hardorfforgel.
Na de reformatie werden de heiligen op het koorhek vervangen door de tien geboden.
Wel is nu Laurentius zichtbaar in een nis aan het einde van het koor.
Herenbank van de adellijke familie Heemstra.
Enorme grafzerk op de grafkelder van de familie Heemstra. De planken op de voorgrond bedekken de ingang naar de grafkelder.
Aardige moderne ramen in het koor.
Voor de kerk staat een groot standbeeld van Grutte Pier.
Fraaie zadelzwammen in Kimswerd.
De Harnzer Vaart in Kimswerd.
Het beklimmen van de zeedijk.
Nu nog de zeedijk volgen tot Harlingen. Het water staat erg laag, dus het is eb. Deze wolken werden 's avonds genoemd in het journaal. Ze bestaan uit ijskristallen en worden veerwolken genoemd.
1 maart 2025 Harlingen.
De Zuiderhaven in Harlingen staat in open verbinding met de zee.
De zoutsloot. De naam verwijst naar de vroeger bloeiende zoutindustrie.
Delen van de vestingwallen zijn nog in tact. Hier is de Engelse Tuin gevestigd.
Monumentaal herenhuis Het Fortuyn uit 1612, later het Tempelhuys genoemd.
Geheel onderkelderde oude woning. De kelder is via de aanbouw bereikbaar.
Zicht op de Noorderhaven.
Monumentaal voormalig 17e eeuws pakhuis, nu bewoond via Hendrick de Keyser.
Stadhuis uit 1756 aan de Noorderhaven.
Aan de achterzijde van het stadhuis bevindt zich de 16e eeuwse stadhuistoren.
Aan de Noorderkade ligt de zeewaardige replica van de Witte Swaen van Willem Barentsz uit 1596,
In de gang hangen talloze familiewapens van diakenen van de hervormde kerk. Deze vond ik wel erg curieus.
17e eeuwse stoofklok uit de doopsgezinde kerk in Harlingen.
Tuin vol voorjaarsbloeiers van het Hannemahuis.
Gevelsteen.
Vele oude tegels.
Beeld van een vrouw met uienstrengen uit 1780 gemaakt door de Harlinger aardewerkfabriek.
Een miniatuurhuisje bevat vele vertrekken die de wooncultuur in de afgelopen eeuwen rond de Zuiderzee.
Vertrek met beschilderde wanden.
De rede van Harlingen voorstellend.
Een detail.
Pand uit 1656. Later kreeg het de naam "Waar de steur uythangt".
Ik loop even de neogotische kerk van Tepe in die in WO II zwaar beschadigd raakte. Bij de wederopbouw werd het interieur geheel gebroken wit, Wel origineel is het triomfkruis van atelier Mengelberg. De ramen in het koor zijn van acrylaat.
Oude brandweerkazerne.
De grote kerk van Harlingen is eigenlijk de kerk van Menaldum, een plaats die ouder is dan Harlingen. Later kwam Menaldum binnen de stadsmuren van Harlingen te liggen. In de 18e eeuw werd de romaanse kerk op de terp vervangen door de huidige. De toren bleef gespaard.
Op diverse plaatsen zie je nog reclame-muurschilderingen.
18 mei 2025 Harlingen - Franeker
De oorspronkelijke romaanse Nicolaaskerk van Midlum. Ik zie een deur open staan en maak daar gebruik van. Als ik in de toren sta, komt er iemand binnen dier erg schrikt van me. Hij blijkt de toren als fietsenstalling te gebruiken. Ik mag van hem de toren op, maar ik had vanmorgen vertraging en weet niet hoelang mijn traject is, dus zie ik er van af.
Het interieur is zeer sober.
Wel is het van Dam orgel mooi.
Aan de noordmuur zijn nog sporen van de romaanse kerk te zien.
Een leuk hoekje in Midlum.
Fleur in de berm.
De 15e eeuwse gotische Andreaskerk te Wijnaldum. De oorspronkelijke toren is al eeuwen geleden ingestort.
Kaatswedstrijd in Wijnaldum.
De 13e eeuwse Nicolaaskerk in Herbaijum is in 19e eeuw grotendeels herbouwd.
Glurend door de ramen zie ik nog wel monumentale oude grafstenen liggen.
De noord- en oostkant heeft nog oud muurwerk.
Boerderijtje in Herbaijum.
Ik loop een stukje van de Slachtedijk. Deze 42 km lange slaperdijk liep van Oosterbierum tot aan de dijk van de Middelzee bij Rauwerd.
Het Psychiatrisch Ziekenhuis Groot Lankum in Franeker wordt tegenwoordig voor ouderenzorg gebruikt. Het ligt op een terrein van 3,5 ha. Het gebouw (op de achtergrond) is het grootste Rijksmonument van Friesland.
In de nieuwbouwwijken is veel groen, je waant je hier in een bos.
Voor de oorlog herbergde Franeker een kibboets, waar joden zich konden voorbereiden op een leven in Palestina. In november 1941 ontruimden de Duitsers het met hulp van de politie van Franeker. Alle jonge mensen kwamen om. Op de achtergrond een deel van het nieuwe gemeentehuis van Waadhoeke,
Oude pakhuizen in Franeker omgevormd tot appartementen.
31 mei 2025 Franeker
Boerderij aan de stadsgracht.
Overal in Franeker kom je grote en kleinere oude pakhuizen tegen die nu een andere bestemming hebben gekregen.
Ik kom op de plek waar de universiteit van Franeker gevestigd was. Het zou logisch geweest zijn dat deze in Leeuwarden opgericht zou zijn. Maar in 1565 zaten we in de 80-jarige oorlog. Willem van Oranje was net vermoord en de Spanjaarden hielden Groningen nog bezet. Men vond het veiliger daar wat afstand van te houden. Het werd gesticht in het kruisherenklooster waar de monniken verjaagd werden. Met Napoleon kwam er een einde aan de universiteit en veel is daarna afgebroken, waaronder de kruisgang. Gevelstenen van de afgebroken gebouwen heeft men in deze gevel ingemetseld.
Het binnenterrein van de voormalige universiteit. Het torentje is afkomstig van de afgebroken kruisherenkapel.
Ingang van de voormalige oranjerie van de universiteit.
Op dit stuk open terrein was de hortus gevestigd.
Op heel veel plekken kan je genieten van prachtige oude gevels.
Detail van de rechter gevel. De universiteit trok studenten uit heel Europa. In een ander pand in deze straat werden in de tijd dat de universiteit bestond 1200 Hongaarse studenten gehuisvest.
Vele leuke gevelstenen.
De oudste studentenkroeg van Nederland. Elk jaar komen Friese studenten uit het hele land hier samen. Rechts het veld waar de belangrijkste kaatswedstrijd van Friesland wordt gespeeld.
De stadspoorten zijn gesloopt, maar een gedeelte van de stadswallen zijn nog behouden gebleven, Hier kan je in de schaduw van de linden wandelen.
Het stadhuis van Franeker uit 1590. Helaas in het weekend gesloten. Behoort tot de top 100 van de rijksmonumenten.
Een wat kleiner pakhuis.
Het korendragershuisje uit 1634 tot WO II dienst heeft gedaan.
Ingang van de Botniastins uit 1500. In 1853 wordt het door de bewoners nagelaten aan de diaconie van de Hervormde kerk. Hun weeshuis is zo vervallen dat het hier naar toe verhuisd. De gevelsteen van het oude weeshuis staat boven de ingang. Tegenwoordig is het een dependance van de Universiteit Groningen. Er worden colleges gegeven.
Via een grote tuin kom ik bij de achterzijde van de Martenastate. In het voorjaar staat het hier vol met bloeiende stinzeplanten.
In 1498 liet de Friese edelman Hessel van Martena dit bouwen. In die tijd leverden de edellieden onderling veel strijd. Zijn onderkomen elders was verwoest en dacht in de stad veiliger te zijn. De toren diende als uitzichttoren om vijanden te zien aankomen. De ramen zijn van latere tijden.
Toreningang.
Pronkkeuken.
Servieskast vol met kostbaar Chinees porselein. Onderin een miniatuur pronkkeukentje.
Een zaal is ingericht met informatie over Anna Maria van Schurman. Met haar vader en broer verhuisde ze van Keulen naar Utrecht en later naar Franeker waar de mannen gingen studeren. Hier bleek dat zij buitengewone artistieke gaven had en zeer intelligent was. Toen haar vader plotseling overleed, verhuisde ze naar Utrecht, waar ze in 1636 de eerste vrouwelijke studente werd, wel achter een gordijn gezeten om de mannen niet af te leiden. Ze heeft contacten met vele geleerden in Europa. Later sluit ze zich aan bij een religieuze sekte, de labadisten op Walta State in Wiuwert. Hieronder een zelfportret.
Cunera van Martena, derde dochter van Hessel sloot een verbond met de hertog van Saksen, wat hem niet geliefd maakte in Friesland. Ook liet hij al zijn dochters trouwen met Saksische edellieden. In 1616 werd ze met haar moeder en zussen enige tijd gevangen genomen door Grutte Pier.
Een zaal in restauratie heeft prachtig beschilderde wanden.
Het oudste Nederlandse doodsportret van een kind uit 1607.
Woonkamer van de laatste bewoonster met uitzicht op de tuin.
Om indruk te maken werden pronkbekers vervaardigd. Hier een fraai verguld zilveren globebeker uit 1600.
Er is ook een ruimte waar een reeks portretten van professoren van de Universiteit hangen uit de toenmalige senaatskamer.
In 1580 moet klooster Klaarkamp bij Dokkum sluiten, De abt gaat in Franeker wonen en vermaakt bij testament al zijn bezittingen aan het plaatselijke weeshuis. Een doos ligt daar 350 jaar lang onaangeroerd. Dan vind iemand deze prachtige handschoenen die de tand der tijd hebben doorstaan.
Op zolder worden tien buitenbeentjes uit Franeker belicht. Hier de in 1838 geboren Jan Hannema, die niet verder groeide dan 71 cm. Akls artiest voert hij met veel succes shows op in heel Europa on de naam Tom Pouce. Zijn bekendste rol is die van admiraal Tromp.
Sint Apollonia. Omdat ze haar christelijke geloof niet wilde afzweren, werd ze gemarteld door haar kiezen en tanden uit te trekken voor ze levend verbrand werd. Nu aan te roepen bij kiespijn.
3 juni 2025 Berltsum - Franeker (tegen de richting in).
Ik begin bij de koepelkerk van Berltsum uit 1779. Die moest de bouwvallige 14e eeuwse kerk vervangen.
Daarna loop ik vijf kilometer op een steenslagpad langs de Berltsumer Wiid.
Dan kom ik bij de Walburgakerk in Ried. Na het instorten van de oude toren werd in de 17e eeuw een nieuwe kerk en toren gebouwd.
Weer verder is het 12e eeuwse Maria kerkje in Boer met een 17e eeuwse toren.
Het ingangsportaal is afkomstig van de afgebroken stins Elgersma.
Ik loop langs een eindeloze graanakker.
Het laatste terpkerkje is de Nicolaaskerk in Schalsum uit 1100.
De muur vertoont veel (ver)bouwsporen.
Tot vlak voor de binnenstad van Franeker loop ik in het groen.
In Franeker ga ik nog naar het stadhuis dat open zou moeten zijn, maar het is potdicht. Dan maar even het zakkendragershuisje in. Vele maten staan vol ijkstempels. Dat was wel nodig, want het was erg verleidelijk om aan de bovenkant een randje weg te halen, De laatste ijkstempels zijn van 1811.Daarna voldeden de maten niet meer aan het metrische stelsel van Napoleon.
26 juni 2025 Berltsum - Ferwert
Mijn wandeling begint met een schelpenpad. Er is zelfs een toilet van de ijsclub. Ik kom nu in het Bildt, een streek die in 1505 ontstond bij de inpoldering van de Middelzee. Bijna alles is hier recht, lang en groot.
De eerste plaats is St Annaparochie. De Van Harenskerk staat dus niet op een terp. Rembrandt van Rijn en Saskia van Uylenburgh trouwden op deze plek. Hun kerk moest wijken voor dit exemplaar.
Het wapen van Friesland is enorm groot op de kerk aangebracht.
Na St Annaparochie loop ik een heel eind over de voormalige spoordijk.
De ingang aan de torenkant.
Boven de ingang aan de koorzijde is deze tekst aangebracht. Ik weet niet of ik hier zonder aarzelen binnen zou gaan.
Na Vrouwenparochie volgt weer een lang stuk spoordijk.
Daarna mag ik langs de Zuidhoekster Vaart lopen. Boven land is veel bewolking, maar boven de Waddenzee blijft het blauw.
De Leister Vaart in Alde Leie. Monument voor drie vrouwen die de Elfstedentocht gewonnen hebben.
Een aardige boerderij.
Als ik de zeedijk overgestoken ben, loop ik lange tijd langs kwelders, maar de zee blijft ver weg. Wel een overvloed aan schapen en lammetjes en heel veel stront.
Moeder schaap ligt er wel heel ontspannen bij. De kinderen zijn wat alerter.
Ferwert met zijn kolossale kerktoren komt in zicht.
De 15e eeuwse Martinuskerk staat boven op een hoge terp.
16 augustus 2025 Dokkum - Ferwert (tegen de richting in).
Vanaf het busstation bereik ik snel de binnenstad van Dokkum.
Na enige bolwerken gepasseerd te hebben, verlaat ik de stad alweer via deze brug. Op de achtergrond de korenmolen Zeldenrust, die ook op een bolwerk staat.
Hierna volg ik bijna twee uur de Dokkumer Ee door het vlakke Friese land.
Grote egelskop in de Dokkumer Ee.
Na nog een kleine twee kilometer langs de Holwerter Faert kom ik bij de middeleeuwse Sint Petruskerk in Lichtaart, die helaas gesloten is.
De ingebouwde toren heeft aan twee zijden beplanking.
De toegangswegen tot de Harstastate zijn duidelijk gemarkeerd.
De Harstastate is een restant van de vroeger veel grotere state.Het ligt in een mooie landschapstuin ontworpen door Roodbaard. De notenboom is meer dan 150 jaar oud. De state is door de laatste eigenaar geschonken aan Hendrick de Keyser.
De ingang.
De woonkamer.
Bovenstuk van de schouw.
Stucwerk boven een deur.
Portret van Amelia Gerardina van Andringa de Kempenaer- de Schepper, geboren in 1813. Zij was eigenaresse van de Harstastate en werd meer dan 93 jaar. Ik vind vooral haar sieraden fraai geschilderd.
Vervolgens bezoek ik het archeologisch steunpunt in Hegebeintum. De terp aldaar is de hoogste van Friesland (9 m boven N.A.P.). Helaas zijn de meeste terpen in Friesland grotendeels afgegraven voor geldelijk gewin. De arme zandgronden werden hiermee verrijkt. Vaak ging men tot de rand van gebouwen, waardoor deze gingen verzakken (ook vele kerken). In 1928 werd het afgraven hier beëindigd.
Bij het afgraven had men nauwelijks oog voor de archeologie. Hierdoor zijn veel voorwerpen beschadigd en verloren gegaan en is veel kennis over de bewoningsgeschiedenis gemist. Hier botresten en scherven uit de terp.
Mooie urn van Angelsaksich aardewerk uit de vijfde eeuw gemaakt op de terp.
Nu omhoog naar de romaanse kerk Hegebeintum.
Mooi is hier te zien dat toen men met kloostermoppen ging bouwen. men de steenvorm aanpaste aan die van de tufsteen.
De kerk is vooral bekend door zijn grote aantal rouwborden, allen voor bewoners van de Harstastate.
Rouwbord van de laatste van het geslacht Nysten, Symbolisch zijn de takken op het rouwbord afgebroken.
De bewoners van de Harstastate hadden een duidelijk herkenbare plek in de kerk. De bank was hoger dan de preekstoel en zij benoemden ook de dominee., Voor de bank is de enorme afdekking van de grafkelder van de bewoners zichtbaar.
Detail van de afdekking van de grafkelder.
Het van Damorgel.
Als laatste bezoek de kerk in Ferwert. Deze is van binnen zeer sober ingericht.
De plek voor de adel in de banken is onmiskenbaar.
Een fraai bewaarde eeuwenoude grafsteen.
19 juni 2025 Dokkum - Damwoude.
De bijzonder gevormde Grote kerk van Dokkum was vroeger de Kleine kerk, maar promoveerde na de sloop van de oude Grote kerk.
Hoekje van Dokkum met korenmolen Zeldenrust op het bolwerk.
Het stadhuis van Dokkum uit 1607.
Niet onaardig nader ik de Friese Wouden.
Het kerkje van Driesum verving de middeleeuwse kerk in 1713.
Ingang van de kerk.
Zonnewijzer op de kerk.
Het schoolhuis uit 1787. de gevelsteen bovenin verhaalt dat het gebouw uit de as herrezen is na een brand.
Rinsmastate is een groot 19e eeuws landhuis op de plaats van een oude stinse. Het heeft een grote tuin. dirk Scheringa kocht het en verfraaide het. Hij verkocht het in 2013 aan een rijke Rus. Het is omgeven door water en hoog hekwerk.
Theekoepel van Rinsmastate.
Van de vroegere stinse is nog een groot parkbos overgebleven, waar het fraai wandelen is.
Wandelen langs de Potvaart.
Veel langs dit soort paadjes.
De romaanse kerk van Dantumawoude is in de loop der tijden vaak weer opgelapt, waardoor veel verschillende steensoorten zijn te zien. Een stuk blinde muur is nog van tufsteen.
De muur van het schip heeft een duidelijke kromming.
Hier het kerkje van Akkerwoude dat de middeleeuwse kerk heeft vervangen. Dantumawoude, Murmerwoude en Akkerwoude worden nu samen Damwoude genoemd.
2 augustus 2025 Oenkerk - Damwoude (tegen de richting in).
Ik begon bij de Mariakerk te Oenkerk uit 1230. Helaas ben ik nog te vroeg voor het kerkepad.
De noordmuur vertoont nog vele romaanse bouwsporen.
Staniastate, het nieuwe buiten werd in 1843 gebouwd
en heeft een prachtige parkaanleg.
Tussen Oenkerk en Oudkerk loop ik door het grote natuurreservaat Griekenland en Turkije.
De 12e eeuwse Pauluskerk te Oudkerk.
Grafsteen op de grafkelder op het kerkhof van een van Sminia.
Ruimte onder de toren, nu kerkenraadskamer, vroeger cachot.
Interieur van de kerk. links de boerenbank voor de pachters van de adel. Daarnaast de herenbank van de fam. van Heemstra, daar weer naast de fam. van Sminia en geheel achteraan in het koor de fam. van Aylva, Onder de preekstoel is nog een grafkelder voor de fam. van Sminia.
Gigantisch rouwbord voor de in 1734 overleden Rhala van Sminia.
De van Sminiabank uit 1700 met prachtig houtsnijwerk.
Het Bakker & Timmenga orgel uit 1883.
Dit riddergraf uit begin 17e eeuw is het enige graf in Friesland dat een afbeelding van een overledene draagt.
Landhuis de Klinze uit de 17e eeuw. Het is tegenwoordig een hotel-restaurant.
Het heeft ook een prachtige parkaanleg. Vanaf een heuvel moet er een zichtas over het water naar het huis zijn, maar de bomen belemmeren het zicht enigszins.
Door het natte weer zijn er ook veel paddenstoelen.
Tussen Oudkerk en Rinsumageest loop ik langs het grote Eeltsjemar.
De 12e eeuwse Alexanderkerk te Rinsumageest. Na oorlogshandelingen door de Geldersen de Bourgondiërs in 1515 en 1516 werden twee lage zijbeuken vervangen door een grote gotische beuk.
Veel romaanse bouwsporen in de buitenmuur.
Het interieur van de kerk, links het romaanse schip met verhoogd koor met daaronder de enige crypte van noord Nederland. Rechts de gotische beuk.
De crypte, die ook een tijd als cachot diende.
Opengewerkt romaans venster.
Doorgang van de kerk naar de toren.
Het bakker & Timmenga orgel uit 1892.
Mijn laatste traject van Rinsumageest naar Damwoude loopt over het "natuurpad" door een verwilderd stuk bos. Veel prut en veel lange bramenslierten moet ik voor lief nemen.
In dit bos stonden twee stinzen: de Eysinga state
en de Melkema state.
30 juli 2025 Oenkerk - Leeuwarden
Bij het begin van de wandeling is de lucht bijna pikzwart.. Ik begin in het park van de voormalige Heemstrastate. De state is afgebroken en er is nu een groot ouderenverzorgingscentrum voor in de plaats gekomen. De parkaanleg is nog herkenbaar. Ook loop ik langs het grag van het paard van kolonel baron Willem Hendrik van Heemstra, Hij was een commandant in het leger van Napoleon tijdens zijn veldtocht in Rusland. Dankzij zijn paard wist hij uit de hel van Berezina te ontsnappen.
De middeleeuwse kerktoren van Miedum. De Johanneskerk werd in 1843 afgebroken, de toren werd met een bakstenen schil ommetseld. hij staat behoorlijk scheef en wint het van de toren van Pisa.
Vele malen ben ik langs de Pandertempel gelopen, maar altijd was hij gesloten. Dus ben ik blij dat hij nu open is. Maar ik ben ook teleurgesteld. Een kunstenares van niet onaardig werk meent haar werk met latten te moeten verbinden met de beeldhouwwerken van Pander.








































































































































































































































































































































































































































































Geen opmerkingen:
Een reactie posten